Normale groei van botten.

De meeste botten in je lichaam zijn ontstaan uit kraakbeen. Kraakbeen is een soort bot maar het is veel buigzamer en zachter dan bot. Bij volwassenen zijn de oorschelp, de neus en de gewrichten nog van soepel kraakbeen.

Bij kinderen blijft aan de beide uiteinden van de botten een schijf kraakbeen over die voorlopig niet in bot wordt omgezet. Deze kraakbeenschijf wordt groeischijf genoemd. Vanuit de groeischijven vindt het proces van de lengtegroei van de botten plaats.

De groeischijven produceren kraakbeen. Dit kraakbeen wordt toegevoegd aan het harde gedeelte van de botten, dus het bot dat tussen de twee groeischijven in ligt. Het toegevoegde kraakbeen wordt vervolgens ook omgezet in hard bot.

Door dit continue proces van aanmaak en omzetting van kraakbeen in bot worden de botten langzaam langer. Aan het einde van de puberteit tenslotte worden ook de kraakbenige groeischijven omgezet in hard bot en houdt de lengtegroei op.

De groei van de botten in de breedte gebeurt gelijktijdig met de groei in de lengte. De diktegroei verloopt niet vanuit de groeischijven, maar verloopt volgens een ander groeiproces. Om ieder bot bevindt zich een vlies (perichondrium) van waaruit laag voor laag botweefsel wordt afgezet. De diktegroei start al vanaf de geboorte en gaat langzaam door tot aan volwassenheid.


 

Bijgewerkt op 30-10-2004